Wat heeft VEKA precies nodig van je grondplan?
Voor elk EPC-dossier reken je met drie kerngetallen die rechtstreeks uit je grondplan volgen:
- Bruto vloeroppervlakte: de oppervlakte van elke bouwlaag, gemeten tot de buitenkant van de buitenmuren, opgeteld over alle bouwlagen binnen het beschermd volume.
- Beschermd volume: het volume van alle ruimtes die verwarmd worden of daarvoor bedoeld zijn, van kelder tot zolder, afgebakend door de verliesoppervlakten.
- Verliesoppervlakten: elke oppervlakte waarlangs het beschermd volume warmte verliest, zoals een buitenmuur, een dakvlak, een vloer op volle grond, of een muur naar een onverwarmde garage of berging.
Deze drie getallen bepaal je niet los van elkaar: ze volgen allemaal uit hetzelfde grondplan, met de juiste bouwlagen, wanden en openingen correct ingetekend. Een fout in je grondplan, bijvoorbeeld een verkeerd afgebakende garage, plant zich dus door in alle drie de getallen.
Waarom kost overtekenen in SketchUp zoveel tijd?
De klassieke werkwijze bestaat uit twee stappen: eerst meet je op locatie met een duimstok of laser en noteer je alles op papier of in een schets-app, daarna teken je die metingen 's avonds of de volgende dag over in SketchUp. Die overstap kost op zichzelf al tijd, maar het echte probleem is dat fouten pas zichtbaar worden bij het overtekenen: een vergeten muur, een verwisselde maat, een hoek die op locatie net niet haaks aanvoelde. Op dat moment ben je niet meer ter plaatse om het na te meten.
Een tweede tijdvreter is dat SketchUp geen weet heeft van wat VEKA nodig heeft: je moet zelf handmatig oppervlaktes en volumes berekenen of exporteren, per bouwlaag, en die apart overzetten naar het VEKA-portaal. Een grondplan dat rechtstreeks op locatie wordt getekend, met de juiste bouwlagen en een tool die volumes automatisch berekent, elimineert beide stappen.
Hoe meet je correct op locatie: wandketting en laser?
De wandketting-tool in Plattegrond v2 laat je elke wand tekenen door een startpunt, een richting en een lengte in te geven, terwijl je letterlijk rondloopt in de woning. Voor de lengte heb je twee opties:
- Bluetooth-laser: koppel een laser (Leica DISTO-reeks of gangbare Bluetooth-lasers van onder meer Bosch, Stanley en Stabila) en elke gemeten afstand komt rechtstreeks in het juiste veld terecht, zonder overtypen.
- Manuele invoer: heb je geen laser bij de hand, dan meet je met een duimstok of rolmeter en typ je de lengte zelf in.
In beide gevallen zie je in het dossier achteraf welke maat van de laser komt en welke manueel is ingevoerd, zodat je bij twijfel meteen weet welke waarde je het eerst controleert.
Hoe corrigeert Plattegrond v2 automatisch voor niet-haakse muren?
Weinig woningen hebben perfect haakse hoeken, en op locatie meet je zelden tot op de millimeter nauwkeurig. Plattegrond v2 vangt dat op twee manieren op.
Automatisch rechttrekken
Een hoek die binnen 45 graden van de dichtstbijzijnde rechte hoek ligt, wordt automatisch naar dat 90°-veelvoud getrokken. Een muur die je net iets scheef intekent, komt dus toch recht op het scherm te staan, in lijn met hoe de meeste woningen effectief gebouwd zijn.
Herschalen bij een extra meting
Meet je een wand die je eerder al had ingetekend opnieuw, dan past de app enkel de nog ongemeten zijden aan: een zijde die je al met de laser hebt gemeten, blijft op zijn exacte lengte staan. Zijden die je nog niet gemeten hebt, erven automatisch de juiste schaal van de as die je wel al gemeten hebt, zodat je grondplan meteen realistische verhoudingen toont, ook voor je alles gemeten hebt.
Voor het uitlijnen van hoeken en randen geldt bovendien een snap-tolerantie van 400 mm: teken je een nieuwe wand dicht bij een bestaand hoekpunt of een bestaande rand, dan klikt de tekening daar automatisch op vast.
Hoe deel je bouwlagen correct in?
Plattegrond v2 werkt met een vaste volgorde van bouwlagen: kelder (K), gelijkvloers (GL), verdiepingen (V1 tot V3) en zolder (Z). Welke bouwlagen je dossier verwacht, wordt automatisch afgeleid uit de gegevens die je bij het aanmaken van het dossier hebt ingevuld: het aantal bouwlagen, en of er een kelder of een zolder aanwezig is.
Elke bouwlaag teken je apart, met zijn eigen buitenomtrek, binnenwanden en plafondhoogte. Dat is belangrijk, want de bruto vloeroppervlakte per bouwlaag wordt opgeteld, en een verdieping met een kleinere voetafdruk (bijvoorbeeld door een dakschuinte of een terugspringende gevel) mag nooit zomaar de oppervlakte van de bouwlaag eronder overnemen.
Welke fouten maken energiedeskundigen het vaakst bij grondplannen?
De meest voorkomende fouten bij het intekenen van een grondplan zijn:
- Een aanbouw of garage niet correct afbakenen als niet-beschermd volume, waardoor de verliesoppervlakten fout berekend worden.
- Een bouwlaag overslaan of samenvoegen, bijvoorbeeld een tussenverdieping of een deels verlaagd plafond, met een verkeerde bruto vloeroppervlakte tot gevolg.
- Enkel de buitenomtrek tekenen zonder binnenwanden, waardoor ruimtes niet correct worden afgebakend voor de rest van het dossier.
- Een reeds gemeten zijde manueel overschrijven bij een correctie, in plaats van de automatische herschaling het werk te laten doen op de ongemeten zijden.
- De voorgevel-oriëntatie fout instellen, wat de berekening van bezonning en warmteverlies per gevel beïnvloedt.
Elk van deze fouten is op het scherm zelf meestal onzichtbaar: je merkt ze pas als de berekende oppervlaktes of volumes niet kloppen met wat je op locatie hebt gezien.
Hoe werkt grondplan uit een architecten-PDF (bèta)?
Heb je een bestaand bouwplan van de architect als PDF, dan hoef je niet meer vanaf nul te beginnen. De functie grondplan uit een architecten-PDF (bèta) herkent wanden, deuren en ramen in het geüploade plan en zet er per bouwlaag een eerste grondplan voor klaar.
Dat voorgetekende plan is een startpunt, geen eindresultaat: je loopt het tijdens de opmeting na, corrigeert waar de herkenning misgaat, en meet de kritieke afmetingen alsnog met de laser of duimstok om zeker te zijn dat het plan overeenkomt met de werkelijk gebouwde toestand. Een architectenplan toont immers het ontwerp, niet noodzakelijk wat uiteindelijk gebouwd is. Omdat de functie in bèta zit, blijft deze controle op locatie een vast onderdeel van je werkwijze.
Van tekening naar VEKA-volumes: wat levert de app automatisch aan?
Zodra je grondplan, bouwlagen en openingen ingetekend zijn, berekent de app automatisch:
- De bruto vloeroppervlakte per bouwlaag en het totaal.
- Het beschermd volume, op basis van de plafondhoogtes per bouwlaag.
- De verliesoppervlakten per gevel, dakvlak en vloer, met de juiste oriëntatie per gevel.
Die drie getallen vormen de basis van een groot deel van de VEKA-invoer. Je ziet ze in je dossier, kan ze narekenen aan de hand van je tekening, en indien nodig manueel overschrijven, bijvoorbeeld wanneer een lokale bijzonderheid niet correct uit het grondplan kan worden afgeleid. Zo bespaar je het rekenwerk zonder de controle te verliezen.